Theosofia, Oktober 1990, p. 179

Hoe bewaar je de creatieve gaven van het kind?

Beverley Neuer Feldman

Dit artikel is een samenvatting van Beverley Neuer Feldman (red.), For the Love of Life, een uitgave van de Theosophical Order of Service, U.S.A. Uit: The Theosophical Digest, maart 1990, Vert: Louis Geertman


Creativiteit lijkt vaak de unieke aanleg van slechts een paar mensen te zijn. Maar in feite zijn we allemaal geboren met het talent creatief te zijn. Wat gebeurt er met dit "zesde zintuig" naarmate we ouder worden? Maar al te vaak blijft het sluimerend aanwezig of wordt het langzaam maar zeker gedoofd. Een creatieve persoonlijkheid wordt niet langer alleen maar met kunst geassocieerd; de wetenschap en de zakenwereld hebben evenzeer behoefte aan creatieve mensen. Hoewel experts zeggen dat het mogelijk is de sluimerende creatieve reus in ieders geest weer tot leven te wekken, hoef je daar niet op te wachten. Je kunt het creatieve talent van je kind stimuleren door zijn vermogen om het leven emotioneel te verrijken serieus te nemen en door eraan te werken dat die creatieve drang wordt gestimuleerd. Hier volgen vijf specifieke manieren waarop we onze kinderen kunnen helpen hun natuurlijke creatieve talenten te ontwikkelen:

Laat ze zichzelf zijn

Laat kinderen zoveel mogelijk de dingen op hun eigen wijze doen. Misschien begrijp je er wel niets van, maar het geeft hun iets wat erg belangrijk is - bevrediging van hun ego. Een voorbeeld: twee kleuters waren ruzie aan het maken over hoeveel grote blokken elk van hen mocht hebben. Billy hield één van zijn blokken boven zijn hoofd en zei: "Ik sla je als je me er niet een paar geeft!" De kinderen bleven maar door ruziën, ondanks mijn pogingen om tussenbeide te komen. Timmy trok op een gegeven moment een gezicht waar de tegenzin van af te lezen was en zei: "Oké. Je krijgt er een paar". "Hoeveel?", vroeg Bill. "Honderd", antwoordde Timmy. Lieve help, dacht ik, wáár haalt hij zo gauw honderd blokken vandaan? Timmy begon hardop te tellen, terwijl hij aan Billy blokken overhandigde: "Een, twee, drie, zeventig, veertig, vijfenveertig, honderd." Billy nam de zeven blokken aan, glimlachte - en begon samen met Timmy te bouwen.

Deze twee vierjarige kinderen leerden me dat je kinderen hun eigen verbeeldingskracht moet laten gebruiken om problemen op hun manier op te lossen. Creativiteit vloeit gemakkelijk bij kinderen, omdat zij situaties benaderen zonder veel vooropgestelde ideeën. Zij kunnen verschillende manieren bedenken om eenvoudige problemen op te lossen, waarbij ze soms de wildste ideeën hebben. Maar dan wordt door thuis of door school de nadruk gelegd op conformiteit. "Je wilt toch niet opvallen, wel?", wordt dan gezegd door diegenen tegen wie het kind opziet. Als kinderen al vroeg leren dat je geprezen wordt als je je aanpast, dan zullen ze dat dus ook gaan doen. Het afkeuren van het uniek-zijn zorgt ervoor dat kinderen ermee ophouden te proberen bijzonder te zijn. Ouders leren kinderen ook om niet origineel te zijn, wanneer ze opmerkingen maken als: "Waarom kun je niet een beetje meer zijn zoals je neefje?" Wanneer het kind met anderen vergeleken wordt, leert hij daaruit dat hij beter iemand na kan doen dan zichzelf te zijn.

Niet vervallen in "groepsdenken"

Scholen handhaven zich door kinderen aan te moedigen op elkaar te lijken en op dezelfde wijze te denken. Doordat ze alle jonge kinderen op dezelfde tijd met dezelfde activiteit laten bezig zijn, spelen ze ongemerkt een rol in het verwoesten van de creativiteit van het kind: "Plak nu het groene stukje maar op de rode stip. Heeft iedereen dat gedaan? Goed zo! Pak nu de rode stip en plak die op..." Door dit soort "groepsdenken" worden fantasierijke en vrije geesten verdrongen.

Op de lagere school moest ik voor de lessen kunst een kleine reproductie van een schilderij van een oude meester op een stukje tekenpapier plakken. De onderwijzeres gaf nauwkeurig aan hoeveel centimeter er aan alle kanten aan ruimte moest worden overgelaten. Over die ruimte werd helemaal niet gepraat. We kregen een cijfer voor de nauwkeurigheid waarmee we hadden gemeten. (Dit soort "kunst" -activiteiten tref je nog steeds aan op scholen.) Tegen de tijd dat ik op de middelbare school kwam, had ik een grondige hekel gekregen aan kunst. Kunst als vak kiezen? Nooit! En dus sloot ik me aan bij de vele anderen die zeggen: "Ik ben niet creatief' - een zelfveroordeling die mijn gevoel voor eigenwaarde reduceerde.

Wat ik toen niet begreep, is dat het enige echte onderscheid tussen creatieve en nietcreatieve mensen schuilt in het feit dat de eersten zijn opgegroeid met het idee dat ze creatief zijn en de laatsten niet.

Mijn echtgenoot is een kunstenaar. Hij had een totaal andere ervaring toen hij begon met zijn kunstlessen op de lagere school - geen opplakken en randjes meten, maar alleen zelfexpressie met potlood, kwast en vingers. Zijn leraar zei: "Vul de ruimte maar op met wat er maar in je hoofd opkomt. Leuke kleuren, Barney!" Of mijn mans talent eerder terug te voeren is op de manier waarop hij les kreeg of op een aangeboren gave, is een vraag voor genetici. Maar ik zélf ben geneigd te denken dat het door de leraar kwam. Creativiteit is voor mij een ontwikkelingsproces. Creatieve mensen zijn gewoonlijk onconventioneel, ze hebben gevoel voor humor en krijgen ook snel ergens genoeg van. Zeg eens eerlijk: zou u er moeite mee hebben zo’n kind te accepteren? Helaas hebben veel mensen daar wél moeite mee. Toch houden sommige creatieve kinderen vast aan hun originaliteit, ondanks alles wat het leven hen aandoet. Ideeën komen als vuurpijlen bij hen op, niet om daarmee lof of geld te verdienen, maar vanwege de innerlijke vreugde die ze vinden in het scheppen. Tenzij een gezin begrip heeft voor deze kinderen, kan zo'n individualistisch gedrag problemen veroorzaken tussen ouders en kind, juist daar waar het tot intens plezier zou moeten leiden.

Schep een "wat als?"-mentaliteit

Waarom kunnen sommige mensen met een verbazende frequentie grootse ideeën lanceren, terwijl anderen al blij mogen zijn wanneer ze eens in de twee jaar met een originele gedachte komen? Het is moeilijk gewoontedenken, conformistisch denken te doorbreken. Een kind dat in zijn opvoeding alleen maar heeft geleerd te denken zoals iedereen denkt, zal niet in staat zijn om betere oplossingen aan te dragen voor problemen; hij of zij zal altijd eenvoudigweg de gebaande wegen kiezen.

Creatief denken vraagt om een "wat als?"-mentaliteit. Gebruik dus "wat als?"- vragen bij je eigen kinderen, zodat zij zich de gewoonte kunnen eigen maken om met verscheidene ideeën en opvattingen te goochelen om problemen op te lossen, liever dan dat ze één star antwoord produceren. Zulke vragen kunnen best onzin zijn; ze maken een kind aan het giechelen en laten zien dat creatief denken leuk is: "Hoe zou het zijn als je vier armen had in plaats van twee?" "Stel je voor dat auto's vierkante wielen hadden, hoe zou dat zijn?" En voor tieners die meer toekomst-gericht zijn: "Hoe zou het zijn als iedereen 150 jaar zou worden? Hoe zou het zijn als je eigen kinderen gekloond kunnen worden?" Probeer niet al te logisch te zijn; dat kan beperkend werken. Laat dit een tijd zijn waarin niets de fantasie kan verstikken.

"Wat als?"-vragen scheppen voor kinderen een mogelijkheid om hun verbeeldingskracht uit te breiden en om te leren inzien dat ze zelf kunnen denken. Als kleuters hun eindeloze "waarom"-vragen stellen, draai dan de rollen eens om. Vraag hun waarom zij denken dat iets zo is en blijf hun vragen stellen als ze opgroeien: maak hun denken soepel.

Ga op speelse wijze met ze om

De schrijver Roger Van Oech, een vooraanstaand goeroe op het gebied van creativiteit in de zakenwereld, ontdekte dat mensen die een speelse houding hebben, vaker met originele ideeën komen. Dat is niet zo verbazingwekkend. Een sfeer waarin het leven niet altijd serieus wordt genomen, bevordert de creativiteit, omdat niets echt in gevaar lijkt te worden gebracht door het eens helemaal ondersteboven te keren. Zou je ook zelf niet liever op iemand willen vertrouwen of je tegen iemand uiten die de dingen gemakkelijk opneemt en die om zichzelf kan lachen in plaats van iemand op zijn nummer te zetten? Kinderen hebben er een grondige hekel aan om uitgelachen of op hun nummer gezet te worden, maar ze vinden het zalig, wanneer je met hen mee kunt lachen. Het is echter niet zo'n geslaagd idee om plagen te gebruiken als een manier om speels te zijn. De goede verstandhouding heeft eronder te lijden, wanneer men een kind plaagt bij wijze van "liefhebbende" vorm van interactie. Het is net als gekieteld worden: het slachtoffer lacht, maar uiteindelijk wordt hij geïrriteerd door de onaangename gewaarwording.

Geef ze tijd om na te denken

Ouders willen hun kind alles geven - karateles, gitaarles, balletles, padvinderij, clubjes, noem maar op. Elk moment is volgepropt met bezigheden. En natuurlijk is het noodzakelijk en fijn om actief te zijn, maar vaak heeft een overgestimuleerd kind niet een overdaad aan actie nodig, maar een moment om dingen te overpeinzen. Rustige momenten stimuleren de verbeelding. Hoe kun je tijd vinden om te dromen, als tijd zo kostbaar is en verstrooidheid verboden lijkt. Dagdromen leiden tot creátiviteit.

"Ga naar je kamer!", kan een opstandig kind soms als muziek in de oren klinken, want het kan de enige kans voor hem of haar zijn om alleen te zijn, lekker languit op de grond of op bed te gaan liggen om te dromen of een boek te lezen dat de droom van iemand anders bevat. Ik zal nooit vergeten hoe de vierjarige Daisy van woede met haar voeten op de grond stampte, toen haar gezegd werd dat haar pony moest worden bijgeknipt, zodat ze er niet langer doorheen hoefde te turen, zoals een schapendoes. "Nee, nee, nee!", schreeuwde Daisy. "Doe dat niet! Het is het enige plekje waar ik alleen ben."

Daisy had een creatieve oplossing gevonden voor haar behoefte aan alleen-zijn. Naarmate ze ouder wordt en meer zelfstandigheid verwerft, zal ze andere manieren vinden om in deze behoefte te voorzien. Ouders kunnen hun eigen creatieve talenten gebruiken om hun kinderen te stimuleren om hun zesde zintuig - creativiteit - te ontwikkelen. Om de problemen van de harde wereld waarmee zij geconfronteerd worden op te lossen, zullen kinderen moeten vertrouwen op hun eigen originaliteit. Creativiteit is een levenskracht die ons allen kan leiden naar een gelukkig en voorspoedig bestaan.