Taoïsme, de Tao Te Ching en Ying en Yang
Het taoïsme, tauïsme of daoïsme (uitgesproken als [daauw-is-me]), is een Chinese filosofische en religieuze stroming. De teksten Tao Te Ching (Daodejing) en Zhuangzi vormen de basis van het taoïsme, ze zijn op schrift gesteld in de vierde en derde eeuw vóór onze tijdrekening. Het taoïsme heeft zich parallel aan het confucianisme en boeddhisme ontwikkeld. Deze drie stromingen vormen gezamenlijk de basis voor het neo-confucianisme.
Letterlijk betekent Tao (ook wel dao) weg/doelgericht-gaan hetgeen ook in het Chinese karakter voor Tao valt te herkennen.
- Boeken over het Taoisme
- De Tao van Lucebert: Over de invloed van het Taoïsme op Luceberts vroege poëzie, Door Krijn Peter Hesselink
- Yin en Yang uitgelegd (ook wel: yin en yang, jin en jang)
- De Theosofie van de Tau Te Tsjing, Richard Brooks
- Zhuang Zi citaten (Ook wel Chuang-tzu en Zhuangzi genoemd)
Tao Te Ching (Boek van de Weg en de Kracht) is een bundel van 81 korte teksten. Laozi (Lao Tse, Lao Zi etc.) wordt beschouwd als de auteur, alhoewel de verzameling teksten waarschijnlijk niet één auteur heeft gehad, maar geleidelijk is gegroeid.
De teksten gaan over hoe juist te handelen in het leven en ze geven een uitleg over ons bestaan. Ze worden wel beschouwd als richtlijn voor goed leiderschap. Deze teksten zijn eerst mondeling overgeleverd, in een ritme ondergebracht, geordend, aangepast, van commentaar voorzien en uiteindelijk rond 300 vóór Christus opgeschreven. Het boek bestaat uit twee delen, de meest gebruikelijke volgorde van de delen is waarschijnlijk niet de authentieke volgorde. In een oud handschrift (De vier geschriften van de Gele Keizer) is de omgekeerde volgorde gevonden. (in het Mawangduigraf)
Taoistische begrippen: definitie en betekenis
- Het woord Tao betekent 'de Weg' en vormt het kernbegrip van het taoïsme, waaraan het ook zijn naam ontleent. Tao is het ondeelbare en onbeschrijfbare principe, waaruit alles voortvloeit. De facto zou het beschreven kunnen worden als de Rivier, de Stroom.
- Tai Ji (of Tai Chi) betekent 'het hoogste uiterste' en is het oneindige en fundamentele principe van evolutie en zelf-organisatie. Het is de eenheid van Yin en Yang en daarmee het hele bestaan.
- Yin en Yang zijn de universele antagonisten, elkaar aanvullende kwaliteiten van het bestaan. Zo kunnen kou (Yin) en warmte (Yang) niet zonder elkaar bestaan. Andere voorbeelden van Yin-Yang zijn water-vuur, maan-zon, aarde-zon, maan-aarde en vrouw-man. Wat opvalt is dat aarde in betrekking tot de maan yang is (en de maan yin) maar in betrekking tot de zon yin (en de zon yang). Yin-yang zijn dus relatieve of betrekkelijke begrippen en het is dus niet zo dat iets yin is of yang is in absolute zin, de begrippen staan altijd in een betrekking. Wat donker, vochtig, passief, troebel, koud, zacht en vrouwelijk is, wordt beschouwd als Yin en wat licht, droog, actief, helder, warm, hard en mannelijk is, als Yang.
- Wu Xing is het harmonische systeem van de vijf elementen: water, vuur, aarde, metaal, hout. Het systeem heeft een voedende (voortbrengende) cyclus (Sheng): hout → vuur → aarde → metaal → water → hout; en een controle cyclus (Ke): hout → aarde → water → vuur → metaal → hout. De twee cycli vormen samen een pentagoon met een vijfpuntige ster erin. Ze worden ook vaak samen afgebeeld als cirkel met een vijfpuntige ster. De cirkel is de Sheng-cyclus, de ster geeft de Ke-cyclus weer.
- Wu wei is het niets doen of loslaten. Een taoïst probeert zich niet te verzetten tegen de loop der dingen, maar daar spontaan maar wel bewust in mee te gaan.