LANKAVATARA SOETRA
De Afdaling op Lanka: Hoofdstuk 4
- Introductie tot de Lankavatara Sutra
- Begin van de Lankavatara Sutra
- Begin h4 van de Lankavatara Sutra
- Tekst 64, h4 van de Lankavatara Sutra
Tekst 65: De Dharani
Toen sprak de Gezegende en zei: Mahamati, deze vier volgende dharani, behorend tot de Lankavatara soetra moet je in ere houden. Ze werden vroeger gereciteerd, worden nu gereciteerd, en zullen in de toekomst gereciteerd worden, en wel door de Boeddhas uit het verleden, het heden, en de toekomst. Ten behoeve van hen die de Dharma verkondigen (Dharmadhutin) zal ik ze nu reciteren, opdat ze deze kunnen memoriseren. Zo gaan ze: Tutte, tutte - vutte, vutte - patte, patte - katte, katte - amale, amale - vimale, vimale - nime, nime - hime, hime - vame, vame - kale, kale, kale, kale - atte, matte - vatte, tutte - jnette, sputte - katte, katte - latte, patte - dime, dime - cale, cale - pace, pace - bandhe, bandhe - ance, mance - dutare, dutare - patare, patare - arkka, arkka - sarkke, sarkke - cakre, cakre - dime, dime - hime, hime - tu tu tu tu - du du du du - ru ru ru ru - phu phu phu phu - svaha.Mahamati, dit zijn de dharani behorend tot de Lankavatara Mahayana Soetra. Wanneer zonen en dochters van goeden huize deze herinneren, vasthouden, verkondigen - deze wonderbare zinnen zouden realiseren, dan zou niemand hen meer wat aan kunnen doen. Niemand uit de volgende groepen van wezen zou hen iets kunnen aandoen: goden of godinnen, Naga of Nagi, Yaksha of Yakshi, Asura of Asuri, Garuda of Garudi, Kimnara of Kimnari, Mahoraga of Magori, Gandharva of Gandharvi, Bhuta of Bhuti, Kumbhanda of Kumbhandi, Pisara of Pisari, Austaraka of Austaraki, Apasmara of Apasmari, Rakshasha of Rakshasi, Daka of Dakini, Aujhara of Aujohari, Kataputana of Kataputani, of een Amanushya of Amanushyi. Zou (de yogin) een of ander ongelukkig voorval ontmoeten, laat hem dan deze wonderbaarlijke zinnen honderdenacht keer reciteren, dan zullen ze er allemaal jammerend en huilend vandoor gaan.
Mahamati, ik geef je nog enkele dharani: Padme, padmedeve - hine, hini, hine - cu, cule, culu, cule - phale, phula, phule - yule, ghule, yula, yule - ghule, ghula, ghule - pale, pala, pale - munce, munce, munce - cchinde, bhinde, hanje, marde, pramarde, dinakare - svaha. Wanneer zonen en dochters van goeden huize deze herinneren, vasthouden, verkondigen - deze wonderbare zinnen zouden realiseren, dan zou niemand van de volgende klassen van wezens hen nog wat aan kunnen doen: goden of godinnen, Naga of Nagi, Yaksha of Yakshi, Asura of Asuri, Garuda of Garudi, Kimnara of Kimnari, Mahoraga of Magori, Gandharva of Gandharvi, Bhuta of Bhuti, Kumbhanda of Kumbhandi, Pisara of Pisari, Austaraka of Austaraki, Apasmara of Apasmari, Rakshasha of Rakshasi, Daka of Dakini, Aujhara of Aujohari, Kataputana of Kataputani, of een Amanushya of Amanushyi. - geen van deze wezens zou hen kunnen raken.
Hij die deze wonderbaarlijke zinnen reciteert zal de hele Lankavatara Soetra reciteren. Deze wonderbaarlijke zinnen gaf de Gezegende ter bescherming tegen de Rakshasas.
Hier eindigt het gedeelte "De Dharani" uit de Lankavatara Soetra.
Toelichting bij tekst 65
- Dharani komt voor het eerst voor in tekst 47. De stam dhara betekent "onderhouden", "preserveren"; het wordt gedefinieerd als de kracht die wijsheid of kennis in iemand kan vasthouden en ondersteunen. Soms worden aan dharani drie aspecten onderscheiden: de kracht om alle gehoorde leringen te onthouden, nooit wijkende kracht van juist onderscheid, en de kracht om lof en blaam van buitenstaanders te boven te kunnen komen. Dharani wordt ook geinterpreteerd als volmaakte controle over ondienstige en kwalijke passies en invloeden. In wijdere betekenis is een dharani een verhandeling met mystieke betekenis, of een verhandeling die een mystieke betekenis verklaart. Er wordt gezegd dat ieder woord en iedere daad van een bodhisattva een dharani zou moeten zijn. De Yogacara-traditie, nog steeds gepraktiseerd, heeft de Dharani-pitaka, de collectie Dharani, van de vroeg-Mahayana-trend de Dharmagupta voortgezet. Er zijn Dharani-bodhisattvas die grote kracht bezitten om te beschermen en te redden.
- "Hij die .... reciteren." Zie vers 37 uit tekst 1 waar de Boeddhas de hele soetra reciteren. Degeen die derhalve de hele Lanka volledig heeft waargemaakt, d.w.z. kan reciteren, en dus de dharani present heeft, is Boeddha.