LANKAVATARA SOETRA

De Afdaling op Lanka

Hoofdstuk 2: de verzameling van alle Dharmas


Tekst 33

Toen zei Bodhisattva-mahasattva Mahamati: Gezegende, u spreekt over nirvana. Wat wordt bedoeld met het woord nirvana?
De Gezegende antwoordde: wanneer de zelf-aard en de gewoontepatronen in al de bewustzijnen, inclusief het Opslagbewustzijn, het denkbewustzijn, en het superviserende bewustzijn waaruit de gewoontepatronen van fantaseren en speculeren ontstaan, wanneer die de ommekeer doormaken, dan zeggen ik en alle andere Boeddhas dat er nirvana is, en manifesteert nirvana zich als (de realisatie van) ledigheid, de staat van realiteit.

Mahamati, verder is nirvana het rijk van zelf-realisatie dat bereikt wordt door nobele wijsheid in te zetten, die wijsheid die vrij is van onderscheid-aanleggen tussen de eeuwigheidsleer en die van vernietiging, tussen bestaan en niet-bestaan. Hoe komt het dat het niet behoort tot de eeuwigheidsleer? Omdat het een onderscheid-aanleggen tussen individualiteit en algemeenheid heeft afgeworpen - daarom behoort het niet tot de eeuwigheidsleer. En wat kan er gezegd worden over de onmogelijkheid nirvana te vernietigen? Het kan niet vernietigd worden omdat alle wijzen uit alle tijden deze realisering bereikt hebben, bereiken, en bereiken zullen - daarom heeft het niets te maken met vernietiging.

Nogmaals, Mahamati, het Grote Heengaan (Parinirvana) is noch vernietiging, noch dood. Mahamati, ware het Grote Heengaan dood, dan zou er geboorte en voortgang zijn. Ware het vernietiging, dan zou het de karakteristiek aannemen van een gevolg-producerende handeling - daarom is het Grote Heengaan noch destructie, noch dood; noch is er iets dat verdwijnt, sterft. Het (Parinirvana) is het doel waar de yogin naar streeft. En verder, Mahamati, is het Grote Heengaan noch achterlaten, noch bereiken; het is niet betekenis-hebbend, noch is het niet niet-betekenis-hebbend - zo is nirvana.
En, Mahamati, het nirvana dat de Toehoorders en Zelf-Verlichtten erkennen bestaat uit het herkennen van individualiteit en algemeenheid; het bestaat in een vlucht uit de maatschappij, in het vrij zijn van op-zijn-kop meningen over de wereld, en in niet-onderscheiden - dit is hun opvatting over nirvana.

Mahamati, verder zijn er nog twee karakteristieke kenmerken van zelf-aard. Welke twee? Het zijn, 1/ hechten aan woorden als hadden ze zelf-aard, en, 2/ hechten aan objecten denkend dat deze zelf-aard hebben. Mahamati, hechten aan woorden als hadden ze zelf-aard is er als gevolg van iemand's hechten aan het gewoontepatroon van woorden en inbeelden, en dit al vanaf de tijd zonder begin. Mahamati, hechten aan objecten, denkend dat deze zelf-aard hebben ontstaat omdat iemand niet beseft dat de externe wereld slechts een geestesgestalte is.

Dan zijn er nog twee vormen van ondersteunende kracht die uitgaan van de Tathagatas die Arhat en Volmaakt Verlicht zijn, en, ondersteund door deze kracht buigen (de bodhisattvas) voor hun voeten neer en stellen vragen. Wat is die tweevoudige kracht die bodhisattvas ondersteunt? De ene is de kracht die hen ondersteunt wanneer ze zich in (de meditatieve staten van) samadhi en/of samapatti bevinden. De andere is de kracht waarmee Boeddhas zich in persoon aan de bodhisattvas manifesteren en hen de hand opleggen. Dan, Mahamati, wanneer de bodhisattvas zo ondersteund zijn door Boeddha's kracht, zullen ze, eenmaal in het eerste (van de tien) stadia verblijvend de bodhisattva-samadhi binnengegaan die gekend wordt onder de naam "Licht van Mahayana"; die samadhi behoort tot het rijk van de bodhisattva- mahasattvas (en niet tot dat van de Toehoorders en Zelf-Verlichtten). Dan zullen ze (,de Bodhisattva-mahasattvas,) in een oogwenk de Tathagatas voor zich zien verschijnen, komend vanuit alle windrichtingen, en die Tathagatas zijn Arhat, en Volmaakt Verlicht, en dan zullen dezen voor de bodhisattvas staan en hen hun ondersteunende kracht verlenen, manifest in lichaam, mond, en woorden. Mahamati, als in het geval van Bodhisattva-mahasattva Schoot van Diamant (Vajragarbha), en ook in dat van andere bodhisattva-mahasattvas die een gelijkaardig karakter en waardigheid bezitten, zo zullen alle Bodhisattva-mahasattvas die in het eerste stadium verkeren de Tathagata-kracht ontvangen die hen doorheen samadhi en samapatti zal ondersteunen. Dankzij de morele verdiensten die zij gedurende honderd-duizend eonen hebben geaccumuleerd zullen ze, geleidelijk-aan de stadia doorlopend, en grondig bekend rakend met wat wel en niet gedaan moet worden uiteindelijk dat Bodhisattvastadium bereiken dat Dharmamegha (Dharmawolk, het tiende en laatste) wordt genoemd. Hier zit de Bodhisattva-mahasattva op een troon in het Lotus-paleis, omringd door andere bodhisattva-mahasattvas die hetzelfde bereikt hebben. Hij zit daar met een met edelstenen versierde tiara op het hoofd en zijn lichaam glanst als de goudgele maan, het goudgeel van de Tsjampaka-bloem. En dan komen de Boeddhas uit hun boeddhalanden in alle tien de windrichtingen, en met hun lotusgelijke handen besprenkelen ze het hoofd van de Bodhisattva-mahasattva die op die troon in het Lotus-paleis zit; zo voeren de Boeddhas persoonlijk het abhisekha-ritueel uit, net zoals een grote wereldheerser (cakravartin) dat doet. Van deze en de andere Bodhisattva-mahasattvas wordt gezegd dat ze, omdat ze zo gezegend zijn, ondersteund worden door de Boeddha's kracht. Mahamati, dit is de tweevoudige ondersteunende kracht die de Bodhisattva-mahasattvas ontvangen. Gesterkt door deze ondersteunende kracht komen ze oog in oog met alle Boeddhas, en dit is de enige manier om Tathagatas, Arhats, Volmaakt Verlichtten vragen te stellen.

En dan nog dit, Mahamati: welke samadhis, psychische krachten en leringen de Bodhisattva-mahasattvas ook tonen, ze worden alle ondersteund door de tweevoudige ondersteunende kracht van de Boeddhas. Mahamati, zouden de Bodhisattva-mahasattvas welsprekend zijn zonder Boeddha's ondersteunende kracht, dan zouden de onwetenden en eenvoudigen van geest dat ook zijn (maar zo is dat niet). Hoe komt dat? Dat komt omdat de eersten die ondersteunende kracht voelen, maar de anderen niet. Waar ook de Tathagatas met hun ondersteunende kracht tussenbeide komen, daar is muziek, niet enkel voortgebracht door een varieteit aan instrumenten en drums, maar ook door grassen, struiken, bomen, en bergen, zelfs door steden, zelfs door paleizen, huizen en koninklijke verblijfplaatsen. Hoeveel temeer dan door hen die zintuigen hebben! Mahamati, dan zullen de doofstommen genezen zijn en vreugde beleven aan hun bevrijding. Mahamati, dat is de zeer grote verdienste van de ondersteunende kracht zoals de Tathagatas die verlenen.

Toen zei Mahamati: Gezegende hoe komt het dat wanneer de Bodhisattva- mahasattvas eenmaal gevestigd zijn in de samadhis en samapattis, en zodra de Tathagatas, die Arhat zijn, en Volmaakt Verlicht hen de handen hebben opgelegd, deze laatsten hen hun ondersteunende kracht verlenen?
De Gezegende antwoordde: Dat wordt gedaan opdat ze de kwade krachten, karma, en passies zullen ontwijken, het is om hen weg te houden bij de dhyana en stadia van Toehoorderschap, het is om hen het stadium van Tathagataschap te doen realiseren en om hen te doen groeien in de waarheid en de ondervindingen die ze alreeds bezitten. Daarom, Mahamati, ondersteunen de Tathagatas, die Arhat zijn, en Volmaakt Verlicht deze bodhisattva- mahasattvas hen met hun ondersteunende kracht. Mahamati, waren ze zo niet ondersteund, dan zouden ze terugvallen naar de denkwijzen en gevoelens die te vinden zijn temidden van die geleerden die het mis hebben, en temidden van de Toehoorders; ze zouden verlichting niet bereiken. Daarom, Mahamati, ondersteunen de Tathagatas, die Arhat zijn, en Volmaakt Verlicht, de Bodhisattva-mahasattvas. Want dit wordt er gezegd:

165. De ondersteunende kracht is gezuiverd door Boeddha's geloften. Die kracht is aanwezig doorheen het abhisekha-ritueel, doorheen de samadhis, en zo verder.

Tekst 34

Toelichting bij tekst 33

- "Dan zijn er nog twee vormen van ondersteunende kracht."
Nagenoeg iedere serie verzen uit de Avatamsaka soetra begint met te referen aan deze ondersteunende Boeddha-kracht, als bijvoorbeeld de serie verzen uit De Tien Toewijdingen, boek 25: "Toen overschouwde Bodhisattva-mahasattva Banier van Diamant de tien windrichten, en, de geestkracht van Boeddha ontvangen hebbend zei hij: ..."

Vanaf en inclusief de bovenstaande regel over het ontvangen van Boeddha's kracht - bij velen in Nederland bekend als empowerment - parafraseert dit gedeelte van de Lanka het Boek De Tien Stadia, opgenomen in de Avatamsaka Soetra. Hier is derhalve geen sprake meer van een zuivere Enkel-Bewustzijn- interpretatie, en het is daarom dat de auteur onomwonden spreekt over de zegeningen van samadhi en samapatti, die overigens in het geversifieerde deel van de Tien Stadia, het eerste stadium behandelend, alleen vagelijk worden aangeduid met "honderd concentraties".

- "Lotusgelijke handen." Een aantal jaren geleden merkte de eerwaarde Zuiver-Land-meester Chih Kung op dat nagenoeg iedere lotus-bloem inderdaad een klein blaadje heeft, half vastzittend aan een ander en ietsje gekruld, dat op een duim lijkt. Als een lotus dan behalve dit kleine blaadje nog vier andere bladeren heeft, dan lijkt het, plat uitgespreid, iets op een handje. Lotussen zijn overigens geheiligde bloemen in Azie, zowel vanwege hun zuiverheid - vuil blijft er niet op hangen, als vanwege een heel subtiele geur.


Tekst 34