LANKAVATARA SOETRA

De Afdaling op Lanka

Hoofdstuk 2: de verzameling van alle Dharmas


Tekst 32

Mahamati, voorts is de Boeddha-Dharma vrij van de volgende vier concepten: eenheid en anderheid, dualiteit en niet-dualiteit, zijn en niet-zijn, bevestigen en weerleggen. Vooraanstaand in de Boeddha-Dharma zijn de (vier nobele) waarheden, de keten van afhankelijk, voorwaardelijk ontstaan, en het (nobele achtvoudige) pad dat leidt tot bevrijding. Mahamati, de Boeddha-Dharma heeft niets van doen met de volgende ideeen: die over Prakriti, Isvara, oorzaaksloosheid, toeval, atomen, tijd, en Zelf (zoals religieuze systemen dat verstaan).

En dan (leiden de Boeddhas de wezens) stap voor stap voorwaarts; ze zijn als karavaan-leiders en wensen hen te zuiveren van de twee obstakels die passie (begeerte) en (boeken)kennis vormen; ze wensen hen te vestigen in de honderd-en-acht leerstukken over zonder-beelden-zijn alsook in de karakteristieke onderscheidingen tussen de Voertuigen, in de (tien) stadia (van bodhisattvaschap), en in de (zeven) factoren van verlichting.

Voorts, Mahamati, zijn er vier soorten van Dhyana. Welke zijn dat? Dat zijn de dhyana die beoefent wordt door de onwetenden, de dhyana waarin naar betekenis gezocht wordt, de dhyana die Zoheid (tathata) als object heeft, en de dhyana van de Tathagatas.

Wat bedoel ik met de dhyana die beoefent wordt door de onwetenden?
Dit is de dhyana van die yogins die zich op het pad van de Toehoorders en Zelf-Verlichtten bevinden, en die, ziend dat er geen ego-substantie is, ziend dat dingen gekarakteriseerd worden door individualiteit en algemeenheid, ziend dat het lichaam niet meer is dan een schaduw of een skelet - voorbijgaand, lijdensvol en onzuiver - koppig aan deze noties vasthouden en er van zeggen dat ze zo zijn, en niet anders. Deze inzichten als beginpunt nemend gaan ze geleidelijk voort tot ze dat ophouden bereiken waar er geen gedachten meer zijn. Dit heet de dhyana die beoefent wordt door de onwetenden.

Mahamati, wat bedoel ik met de dhyana waarin naar betekenis gezocht wordt?
Dit is de dhyana van diegenen die een stap verder zijn gegaan dan het (inzien van) substantieloos zijn van dingen, en van individualiteit en algemeenheid. Zij zien dat concepten over zelf, ander, en zowel-zelf-als-ander - de stek der geleerden - geen steek houden. Derhalve gaan ze voort en onderzoeken en volgen de betekenis van diverse aspecten van egoloosheid en de stadia van het Bodhisattva-pad. Dit heet de dhyana die beoefent wordt door de onwetenden.

Mahamati, wat bedoel ik met de dhyana die Zoheid (tathata) als object heeft?
Wanneer ingezien wordt dat de twee vormen van egoloosheid (van het wezen en van de dingen) niet meer zijn dan verbeeldde gestalten, en wanneer de yogin, zich vestigend in de werkelijkheid van "zo-is-het" (yathabhuta), zich gewaar is dat er geen onderscheid-aanleggen meer ontstaat, dan noem ik dat de dhyana die Zoheid als object heeft.

Mahamati, wat bedoel ik met de dhyana van de Tathagatas? Wanneer de yogin de staat van Tathagataschap binnen gaat en daar verblijft in de drievoudige vreugde die het kenmerk is van die zelfrealisatie die behaald wordt door nobele wijsheid in te zetten, en wanneer hij zich vervolgens inzet voor het welzijn van alle wezens en onwaarschijnlijke taken volbrengt, dan noem ik dat de dhyana van de Tathagatas. Daarom wordt er gezegd:
161. Er is de dhyana die beoefent wordt door de onwetenden, de dhyana waarin naar betekenis gezocht wordt, de dhyana die Zoheid (tathata) als object heeft, en de dhyana van de tathagatas.

162. De yogin neemt in zijn beoefening de vormen van zon of maan waar, of iets dat lijkt op een lotus, of de hellen, of verschillende andere zaken zoals de hemel, vuur, enzovoorts.

163. Al deze verschijningen leiden hem naar de praktijk der geleerden; ze doen hem neertuimelen naar de staat van de Toehoorders, of naar het rijk der Zelf-Verlichtten.

164. Zijn al deze (vistas) terzijde geschoven dan is er de staat van zonder-beelden-zijn, dan verschijnt er een conditie die in overeenstemming is met Zoheid, dan komen alle Boeddhas uit alle boeddhalanden om met hun lichtende handen deze weldoener over het hoofd te strelen.

Toelichting bij tekst 32


- (Boeken)kennis. Alhoewel een canoniek geschrift als de Lanka een hele hoop informatie geeft die maar het best gememoriseerd kan worden, ontmoedigt ze een al te diepgravend onderzoek in zowel boeddhistische als niet-boeddhistische geschriften omdat dit de praktikant a/ kan weerhouden van meditatieve praktijk in de formele zin van het woord, en dergelijk diepgravend onderzoek kan leiden tot "welles-nietes" gekibbel, hetgeen ook niet erg dienstig is op de weg naar Boeddhaschap. Dit is het standpunt van de auteur van de Lanka die de meditatieve praktijk van Enkel-Bewustzijn voorstaat; andere stromingen zullen met evenveel kracht van overtuiging stellen dat in geleerdheid een even goede stap op de Weg gezet kan worden.

Tekst 33